Sanne Kabalt

Ik zet m’n masker af

Sanne Kabalt

#1 van een serie blogs vanuit Het Vijfde Seizoen, het kunstenaarsverblijf op het terrein van de psychiatrische instelling Willem Arntsz Hoeve/Altrecht in Den Dolder, waar ik woon en werk in april, mei en juni 2016. 

 

‘Als ik over m’n woorden struikel dan kunnen jullie me niet begrijpen. Ik zet m’n masker af. Ik zet m’n masker af. Ik zet m’n masker af.’

We begrijpen hem wel. Meer dan hij denkt misschien. Hij maakt spreekwoorden. Thema’s, noemt hij ze. Hij stelt zich voor als ‘een autist, een wijze man en een strijder zonder geweld’ en hij bevraagt ons: ‘Wat zijn je capaciteiten? Wat vind je van Jezus? Wat vind je van Mohammed?’ Hij herhaalt zichzelf, struikelt, zet zijn masker af en maakt z’n punt.

Vanuit Het Vijfde Seizoen verken ik de Willem Arntsz Hoeve, het terrein van een psychiatrische instelling. Ik werk hier, woon hier, maak hier, slaap hier.

Mijn werkplek

Mijn werkplek

Mijn inspiratiemuur

Mijn inspiratiemuur

Soms loopt er een tweetal langs waarbij de één de ander meetrekt. De één met de blik vooruit en een stevige pas. De ander met de blik naar de grond en een slome sjok. Als ik ze tegenkom zoek ik oogcontact. Ze ontwijken het allebei. De één lijkt er geen zin in te hebben, de ander lijkt er helemaal niet meer te zijn.

Er zit een vrouw in het café die een tijdschrift leest. Gisteren ook. Telkens als ze een bladzijde omslaat maakt ze een beweging waarmee ze de pagina’s (per ongeluk?) even laat zien aan de rest van de ruimte, aan ons. Ze lijkt me lief.  

Mijn stagiaire merkt terloops op dat hij langs iemand liep die blafte als een hond. Ik beeld me iets in; het hoe, wie, waar. Ik zie een man voor me die ik al eerder tegenkwam, die wel iets van een hond had. Misschien was hij het niet, misschien was het iemand die niets van een hond heeft.

We spreken mensen die hier werken. Marco van de fietsen, Wim van het hout, Ben van de planten. ‘Ik lijk soms bot. Dat is om ze te activeren.’ Zonder dat we er naar vragen vertellen ze ons allemaal over hoe ze zich tot de patiënten verhouden, een houding die ze hebben gevonden. ‘Je moet voorzichtig zijn, ze hebben allemaal een advocaat. Veel mensen zijn alleen maar bezig om hier weg te komen.’